Gerda's biografie verhaal

Ik ben geboren in
Suriname (gelegen
in Zuid Amerika) en sinds mijn 5e jaar ben ik in Nederland. Mijn
Nederlands is ook beter dan mijn Surinaams moet ik zeggen. Op zijn
Surinaams zou ik zeggen (en ik weet niet precies hoe je het schrijven
moet dus neem mij niet kwalijk):"Mi kan tak Sranang ma no so boeng."
Als ik Surinaams zou praten dan lig je helemaal in een deuk, want ik
leg de klemtonen van woorden verkeerd.
Ik ben naar hier gekomen samen met mijn
tante Alma. Eigenlijk was het een
tante van mijn vader. Mijn vaders moeder haar zus. De moeder van mijn
vader (mijn oma dus) heb ik echter nooit gekend. Zij was al overleden
voordat ik was geboren. Mijn tante's dochter zou gaan trouwen
en
zodoende kwamen tante Alma en ik in eerste instantie voor vakantie naar
Nederland. Maar het was in de jaren '80 wat een hectische periode was
in Suriname waardoor tante en ik uiteindelijk in Nederland bleven.
Vanaf dat ik geboren ben, was ik onder hoede van mijn tante. Waarom
juist ik? Ach, ik was een schattige baby,hè.
Nee...ik weet niet waarom ik 'uitverkoren' was. Mijn moeder had mijn
vader verlaten en was naar Nederland 'gevlucht' en heeft alle kinderen
achter gelaten om haar bepaalde redenen. Later wilde zij alsnog de
kinderen naar Nederland halen maar heeft mijn vader tegengewerkt. Zij
had met een andere man
vier kinderen en had de jongste meegenomen. Bij mijn vader had zij een
jongen gekregen die vroeg is overleden. Mijn tante zei altijd door het
boze oog. Als iedereen zegt: "Wat een mooie baby", maar
ze menen
het niet, kan het kind ziek worden. Of je er nou in gelooft of niet.
Maar in Suriname had je veel van zulk soort bijgeloof en ik hoorde mijn
tante altijd uit over zulke verhalen. Na de jongen kregen mijn ouders
een tweeëiig tweeling, waarvan ik er één
van was.
Maar mijn tweelingzus overleed in het ziekenhuis. We waren te vroeg
geboren en er was een virus in het ziekenhuis waar we allebei ziek van
werden. Blijkbaar was ik de sterkste. Al was ik vroeger vaak ziek,
volgens mijn tante. Zij dacht vaak dat ik het niet zou overleven.
Misschien is dat de reden dat ik hedendaags niet zo vaak ziek meer ben.
Een goede gezondheid zeg ik maar.
Daarna heb ik nog een broertje en zusje gekregen. Zij zijn samen met
mijn andere (half) zus opgegroeid in een soort sos-dorp. Mijn vader had
tenslotte zijn werk.
Ik was elf á twaalf jaar toen ik na al die jaren terug ben
geweest naar Suriname voor vakantie. Die foto's kun je hier
bekijken.
Daarna heb ik na mijn tante's dood in 1993 toen ik negentien jaar oud
was geen gelegenheid meer gehad om op vakantie te gaan. Dankzij een
goede vriend van mij kon ik naar Suriname. Ik wist dat dit belangrijk
was omdat ik hoorde dat mijn vader ziekelijk was. Uiteindelijk bleek
het mee te vallen, maar het heeft de zaken wel bespoedigd om het naar
Suriname toe gaan niet uit te stellen. Het was
één van
mijn doelen die ik nog wilde doen. Ik ben in oktober 2006 naar Suriname
geweest met die goede vriend. Mijn vader is in april 2007 overleden. Je
zou kunnen zeggen dat ik op tijd nog mijn vader heb kunnen zien. Ik kon
niet naar zijn begrafenis toe.
Mijn tante's dochter (die ik gewoon tante noem) is samen met haar man
en
dochter nog mijn enige familie waar ik contact mee heb. Ik heb vanaf
mijn 23e jaar tot 2008 contact gehad met mijn moeder en twee
halfzussen. Maar dat contact is er nu niet meer. Met
één
van de halfzussen had ik dat jaren geleden al niet meer. Ik heb geen
ruzie met ze...het is gewoon verwaterd. Of misschien heb ik het laten
verwateren. Het hoefde van mij niet meer.
Familie is toch relatief.
Misschien omdat ik het toch niet ken.
terug naar
homepagina
terug
naar Gerda's jongere jaren